GPS-ontvanger
| Inhoudsopgave |
|---|
| GPS-ontvanger |
| Werking van het GPS-systeem |
| Alle pagina's |
Bij droppings, hike's of speurtochten bij Scouting zul je vast eens met een GPS-ontvanger moeten werken. Het Global Positioning System (GPS) is een systeem waarmee je je plaats op aarde kan bepalen, oorspronkelijk ontwikkeld voor het Amerikaanse leger. Vroeger had dit leger de mogelijkheid om zelf heel nauwkeurig te werken, terwijk de 'burgers' een onnauwkeurig signaal kregen. Sinds 2000 is dit echter niet meer het geval, en kan je nu dus je positie zeer nauwkeurig met GPS bepalen.
Tegenwoordig wordt GPS heel veel om ons heen gebruikt. Zo kent iedereen wel de bekende "TomTom", grote kans dat je ouders deze in de auto hebben. Ook komen er steeds meer mobiele telefoons waar al een GPS-ontvanger ingebouwd is. De iPhone van Apple is zo'n (bekend) voorbeeld. Ook de politie gebruikt GPS om bijvoorbeeld nauwkeurige snelheidscontroles te houden, de zogeheten trajectcontroles op de snelweg. Hierbij maken ze gebruik van het nauwkeurige tijdsignaal wat de GPS-sattelieten uitzenden.
Een GPS-ontvanger kan je helpen bij het vinden van je positie en in welke richting je zou moeten gaan om op een bepaald punt te komen. Als een GPS-ontvanger namelijk weet waar je bent en waar je heen wil, kan hij bepalen of je in de goede richting gaat.
Dit kan de ontvanger alleen zolang je in beweging bent! Stil gaan staan om zo je richting te bepalen, zoals bij een kompas, werkt dus niet met een GPS-ontvanger!
Veel GPS-ontvangers geven deze informatie weer in de vorm van een dikke pijl: als je deze volgt kom je vanzelf bij je eindbestemming. Als je ervoor kiest om de paden te blijven volgen, zul je zien dat de pijl af en toe bijdraait, en zo naar je bestemming blijft wijzen. Jij kan dan (bijvoorbeeld) linksaf slaan, zodat je weer in de richting van de pijl loopt. Op het scherm zie je vaak ook de afstand die je nog moet lopen. Vaak zie je op enkele meters afstand al waar je moet zijn, waardoor de afstand mogelijk nooit helemaal 0 wordt. Dan hoeft ook niet, want het GPS-systeem kent een foutmarge van zo'n twee meter.



